Het is te warm in de kamer en je zet de temperatuur van de kachel lager — maar er verandert niets. Of andersom: je zet hem hoger en de kachel gaat niet harder branden. In beide gevallen is er zelden iets kapot. Een pelletkachel bedien je anders dan een cv-installatie, en dat verschil zit in twee instellingen die elk iets anders doen.
Twee instellingen, twee verschillende taken
Op vrijwel elke pelletkachel staan twee instellingen — op het display, de afstandsbediening of in de app: een gewenste temperatuur en een vermogensstand. Het vermogen bepaalt hoeveel warmte de kachel geeft: hoeveel pellets er per minuut in de branderpot vallen en hoeveel verbrandingslucht daarbij hoort. De temperatuur is alleen de grens waarbij hij stopt.
Wie de kachel als een cv-ketel behandelt en de warmte met de temperatuurinstelling probeert te regelen, komt bedrogen uit. Zet je de temperatuur op 30 graden terwijl het vermogen op stand 1 staat, dan brandt de kachel nog steeds op stand 1 — en die 30 graden haalt hij niet. Vergelijk het met de eerste versnelling in een auto: je kunt wel meer gas geven, maar dat verandert de snelheid niet.
Lager zetten heeft een bodem
Andersom werkt het net zo min. Wordt het te warm en zet je de temperatuur op 15 graden, dan gaat de kachel niet zachter branden: in stand 1 geeft hij zijn minimale warmte, en lager gaat niet. Is die minimale afgifte te veel voor de ruimte, dan is dat geen storing maar een kwestie van vermogen — en in het voor- en najaar, als de warmte minder snel uit huis verdwijnt, valt dat het meest op.
Soms zit het al in de aanschaf: een kachel met te veel kilowatt voor de ruimte waarin hij staat. Die krijg je met geen enkele instelling zacht genoeg, want ook zijn laagste stand is te veel voor die kamer. Het komt vaker voor dan je zou denken. Let bij een nieuwe kachel dus op het vermogen dat de ruimte werkelijk vraagt — meer kilowatt is hier niet beter.
Te warm terwijl stand 1 normaal genoeg is?
Brandde de kachel het hele seizoen prima op stand 1 en wordt het nu ineens te warm? Dan zoek ik de oorzaak buiten het toestel.
Wordt de kachel te warm, zet hem dan uit — dat is op dat moment het enige wat helpt. Een kachel die veel heter wordt dan normaal is een risico op zichzelf: de voorraadbak met pellets zit ín het toestel, en te veel hitte kan die aan het branden krijgen. Op elke pelletkachel zit daarom een oververhittingsbeveiliging — de maximaalthermostaat — die de haard uitschakelt zodra de voorraadbak te warm wordt, maar ik kom er geregeld defecte tegen. Gaat het om een verstopping, met de symptomen van hierboven erbij? Meteen uitzetten en een onderhoudsafspraak inplannen.
De eco-stand raad ik af
Veel toestellen hebben een stand waarin de kachel zichzelf uitschakelt zodra de gewenste temperatuur bereikt is, en weer opstart als het een paar graden koeler wordt. Op papier is dat comfortabel. In de praktijk adviseer ik het niet.
Bij elke cyclus koelt het rookkanaal af en warmt het weer op. De rookgastemperatuur van een pelletkachel is toch al laag — dat is precies waarom hij zo zuinig is. Een kanaal dat de hele dag tussen warm en koud heen en weer gaat, blijft daardoor een groot deel van de tijd onder de temperatuur waarbij vocht tegen de wand condenseert. Daar begint creosoot: de zwarte teerachtige aanslag die uiteindelijk uit de pijp terugloopt. Hoe dat mechanisme werkt staat in het artikel over zwarte drap uit de pijp.
Wat wél werkt: laat de kachel bij het opstarten eerst 20 tot 30 minuten op stand 4 of 5 branden, zodat het rookkanaal op temperatuur komt. Daarna kan het vermogen omlaag, desnoods tot stand 1. Wat je beter niet doet, is de hele dag op de laagste stand stoken — dan blijft het kanaal koud en krijg je alsnog de aanslag die je juist wilt voorkomen.
Wat dan wel
Regel de warmte met het vermogen en zet de temperatuur op een waarde die je werkelijk wilt halen. Blijft het te warm op de laagste stand, of blijft het juist koud op de hoogste, dan gaat het niet meer om de bediening: dan wil ik de instellingen, de trek en de verbranding naast elkaar zien. Plan een afspraak — reactie dezelfde avond.